Manifest

Waarom we in actie komen

De loonkloof is een feit en is onrechtvaardig. Vrouwelijke werknemers in Nederland verdienen gemiddeld minder dan mannelijke werknemers. In een werkend leven telt het verschil op tot €300.000. Loondiscriminatie betekent dat vrouwen voor gelijkwaardig werk minder betaald krijgen dan hun mannelijke collega’s. Dit is bij wet verboden maar komt in de praktijk veelvuldig voor. De loonkloof heeft verschillende oorzaken. De lonen in sectoren waar veel vrouwen werken liggen relatief laag, zoals in de zorg en het onderwijs. Vrouwen zijn sterk ondervertegenwoordigd in machtsposities. En vrouwen doen het leeuwendeel van het onbetaalde werk, zoals de zorg voor kinderen, mantelzorg en huishoudelijk werk. Hierdoor hebben zij minder tijd voor betaald werk. 

De gevolgen van de loonkloof zijn groot en verschillen per individu. De helft van de vrouwen in Nederland is niet financieel onafhankelijk. Vrouwen hebben een grotere kans op een leven in armoede. De loonkloof treft alle vrouwen. Voor gemarginaliseerde groepen is de loonkloof groter. Uit internationaal onderzoek blijkt dat de situatie voor onder andere transgender vrouwen, gehandicapte vrouwen, vrouwen van kleur en zwarte vrouwen, non-binaire personen en (arbeids)migranten slechter is. 

Het is tijd dat de loonkloof wordt gedicht. Het dichten van de loonkloof is een taak voor werkgevers en overheid. Werkgevers moeten aantoonbare stappen ondernemen om die te dichten, bijvoorbeeld door transparant te zijn over de loonkloof binnen hun organisatie. De overheid moet beleid maken dat organisaties wettelijk verplicht tot deze stappen, én de naleving van dit beleid handhaven. 

Dit gaat niet vanzelf! Met massaal protest kunnen we de politiek in beweging krijgen. Op 14 november 2022 organiseren we een grote actie om te eisen dat de overheid en werkgevers een einde maken aan dit onrecht en de loonkloof dichten.

Doe je mee? Klik hieronder op de knop om te zien wat jij kunt doen!

Eisenlijst

De loonkloof betreft een diepgeworteld systemisch probleem en vraagt daarom een systemische aanpak met verschillende maatregelen.
Gelijk loon is al 65 jaar een mensenrecht. Het recht op gelijk loon is vastgelegd in het Verdrag van Rome (1957) en in de Wet Gelijke Behandeling (1975). Toch komt loondiscriminatie in de praktijk nog veelvuldig voor. We eisen dat de overheid een einde maakt aan loondiscriminatie door bestaande wetgeving actief te handhaven.

Op dit moment is het aan de werknemer om aan te tonen dat zij eventueel ongelijk wordt beloond. Werknemers hebben een kwetsbare positie en meestal te weinig informatie om loondiscriminatie aan te tonen. De Europese richtlijn loontransparantie verschuift onder meer de bewijslast voor gelijk loon naar werkgevers. Dit dwingt werkgevers transparant te zijn over de loonkloof. We eisen dat de Nederlandse regering deze richtlijn steunt en zorgt voor snelle uitvoering in Nederland.

Vrouwen zijn sterk ondervertegenwoordigd in machtsposities, en vrouwen uit gemarginaliseerde groepen nog meer. De afgelopen decennia is gebleken dat verandering niet vanzelf gaat en dat een quotum een effectief middel is om verandering te realiseren. We eisen daarom dat het vrouwenquotum wordt uitgebreid zodat organisaties in de private en publieke sector worden gedwongen een evenwichtiger bestuur te benoemen.

Tijdens de coronacrisis is opnieuw gebleken welke beroepen cruciaal zijn voor onze maatschappij. Twee derde van de werknemers in deze beroepen is vrouw. Vrouwen zijn sterk oververtegenwoordigd in de verzorging, verpleging, schoonmaak, thuiszorg, kinderopvang en het basisonderwijs. In deze sectoren is de werkdruk hoog en liggen de salarissen laag. We eisen dat werknemers in cruciale beroepen een rechtvaardig salaris krijgen.

Vrouwen zijn oververtegenwoordigd in banen op en rond het minimumloon en in tijdelijke en flexibele contracten. We eisen dat het minimumloon wordt verhoogd, de bijstand en uitkeringen standaard meegroeien en dat vrouwelijke werknemers even vaak als mannen een vast contract krijgen aangeboden.

Onbetaald werk – opvoeding, huishouden, mantelzorg, vrijwilligerswerk – is een onmisbare kracht in onze samenleving en economie. Onbetaald werk is grotendeels onzichtbaar en wordt onevenredig veel door vrouwen gedaan. Onbetaald werk verdient erkenning, waardering en een eerlijkere verdeling. We eisen dat onbetaald werk wordt gemeten in het BBP zodat de waarde en omvang van dit werk inzichtelijk wordt.

Alle partners moeten gelijke kansen krijgen om te kunnen werken en te zorgen. Op dit moment krijgen zwangeren 16 weken betaald verlof bij de geboorte van hun kind. Partners krijgen slechts één week volledig vergoed en vijf weken gedeeltelijk vergoed. Langer partnerverlof verkleint de kans op zwangerschapsdiscriminatie, waar nu 43% van de zwangere vrouwen door wordt geraakt. We eisen dat het partner- en geboorteverlof wordt uitgebreid voor alle partners (inclusief zzp’ers) en volledig wordt vergoed.

Gemarginaliseerde groepen ervaren naast de loonkloof, ook andere problemen op de werkvloer, waaronder discriminatie, lhbti+-fobie, racisme, seksisme en validisme. Internationale onderzoeken suggereren dat de loonkloof voor gemarginaliseerde groepen nog groter is. In Nederland ontbreekt het aan goede cijfers. We eisen dat het Centraal Bureau voor Statistiek de loonkloof onderzoekt voor verschillende groepen. We eisen dat de overheid bij het maken van beleid aandacht heeft voor verschillende perspectieven en dat er bij de uitvoering geen ruimte is voor ongelijkheid en discriminatie.

Onder gehandicapte vrouwen is de werkloosheid twee keer zo hoog als bij niet-gehandicapte vrouwen. Baanzekerheid is laag. We eisen dat de overheid zelf zorgt voor banen voor deze groep en er actief erop toeziet dat meer werkgevers gehandicapte mensen aannemen. We eisen dat mensen recht krijgen op de ondersteuning die ze nodig hebben, ongeacht werkstatus of uitkeringsachtergrond. We eisen dat mensen die werken naar wat voor hen mogelijk is minimaal het functieloon verdienen dat hoort bij de functie die zij uitvoeren en worden gecompenseerd voor de uren die zij niet werken.